La révolution dévore ses enfants

Op een avond schreef de leider van de revolutie in zijn overpeinzingen dat de revolutie iets prachtigs was waar het volk dankbaar voor zou moeten zijn. Misschien had hij de hele dag klagende boeren moeten aanhoren – en het is bekend dat boeren altijd klagen – of misschien waren er opstootjes geweest in een provinciestadje. Hoe dan ook, de leider bedoelde er niets mee, het was een verzuchting.

De revolutionairen die op een kwade dag de geschriften van de leider met witte museumhandschoentjes doornamen – hoewel de man niet dood was en de papieren nog niet bijzonder oud – waren echter niet bijzonder filosofisch ingesteld. Ze togen aan het werk, en spoedig zaten de kerkers vol mensen die wel een lesje in dankbaarheid konden gebruiken. De een omdat hij tegen de groenteman klaagde dat de tomaten tegenwoordig nergens meer naar smaakten, een ander omdat ze niet op de avances van haar buurman in ging – en dus had hij een valse aangifte gedaan. Maar de zweep hing al klaar en ze zouden verdomme dankbaarheid gaan tonen. Al was het het laatste wat ze ooit zouden doen. En de leider wist dat het voor hem beter was om niet in te grijpen.

De revolutie verscheurt haar kinderen, zei de Franse journalist Mallet du Pan al ten tijde van de Franse Revolutie. En waarom? Omdat je leiders en volgers hebt. Leiders kunnen mooie dingen zeggen, waar je goed over zou kunnen discussiëren. Zoals bijvoorbeeld de gedachte dat witte mensen er goed aan zouden doen aandachtig te luisteren naar de zwarte mensen die zij willen helpen bevrijden van het racisme waar zij onder lijden, omdat alleen zwarte mensen weten wat het is om slachtoffer te zijn. Er valt best op af te dingen, zo’n stelling. Niet eens heel veel overigens, en aan de hand van deze basisgedachte zou je tot een goed gesprek kunnen komen met een gezonde uitwisseling van ideeën. Maar dat gaat dus niet gebeuren, want de volgers van de leiders zijn niet bijzonder filosofisch ingesteld. Hun interpretatie van bovenstaande luidt dat witte mensen hun bek moeten houden omdat ze nergens vanaf weten.

En in Nederland is het al niet veel beter, want de Nederandse beweging leunt heel sterk aan tegen de Amerikaanse. Hoe dat gaat, begrijp je als je in de NRC leest dat ze het sociologische sleutelbegrip agency niet eens kunnen uitleggen. Joe fuk horses hè? En ziehier de malloot die de Freedom Ride tegen Zwarte Piet mede organiseert. U kent mij, u weet dat ik dat doel onderschrijf, …

But if you want money for people with minds that hate
All I can tell you is brother you have to wait

Zo zongen de Beatles het al in Revolution. Maar ja, de mening van vier witte duivels? Who cares.

Advertisements
This entry was posted in Uncategorized and tagged , , . Bookmark the permalink.

2 Responses to La révolution dévore ses enfants

  1. santelogie says:

    Rob, wat ik niet snap dat is dat je zo serieus ingaat op dat gelul van die Sabroso. Het enige dat je er echt over zou kunnen zeggen is meteen een uitstekend slotwoord: in wezen is iedereen racist. Je kunt natuurlijk proberen te verklaren dat iedereen niet wit of zwart is maar voortaan groen, maar dan staat er binnen een dag iemand op die zegt: maar er zijn lichtgroenen en donkergroenen.

    Racisme, of breder: wantrouwen tegenover vreemden, is een kerneigenschap van elk levend wezen. Het heet ‘lijfsbehoud’. Ik kan niet spreken voor garnalen of strontvliegen, maar mensen zouden zo verstandig moeten zijn minstens te pogen die op zich nuttige eigenschap niet verkeerd te gebruiken.

  2. Wanneer je white privilege het van je verstand wint dan krijg je zo een blog als resultaat.

Comments are closed.