“Eens zal men erkennen ons lijden en strijden”

Maandagmorgen 7 mei [1945] stond Mussert op en begon hij in een achterkamertje op de tweede verdieping [van het Groen van Prinstererhuis in Den Haag] alvast met het maken van aantekeningen voor zijn memoires. Meer nog dan een lynchpartij vreesde hij in de geschiedenis verkeerd te worden weggezet vanwege zijn aandeel in de bezettingstijd.

Wie Anton Mussert – Nagelaten bekentenissen leest (Vantilt, ISBN 90 77503382), ontdekt dat Mussert echt geloofde in de juistheid van zijn handelen. Hij schreef in gevangenschap een boek, De NSB in oorlogstijd, want: “Mijn taak is het om straks in het openbaar rekenschap te geven van al mijn doen en laten als Leider in deze vijf jaren. […] En dan zal velen een licht opgaan en velen zullen worden gerehabiliteerd. […] Het gaat om den eer van duizenden goede vaderlanders, die nu met de slechten gelijk gesteld zijn.Anton Mussert – Nagelaten bekentenissen bevat onder andere de complete tekst van De NSB in oorlogstijd.

Tijdens zijn proces liet Mussert zich ontvallen dat de NSB feitelijk de bovengrondse verzetsbeweging tegen de SS was geweest, omdat volgens hem die organisatie Nederland wilde annexeren, waar hij zich altijd tegen verweerd zou hebben.

Het is waar dat er twee stromingen binnen de NSB bestonden: de Dietsche en de Germaansche kant. Waar laatstgenoemden een toekomst voor Nederland zagen als onderdeel van het Duitse rijk waren de Dietschgezinden meer geïnteresseerd in een nationaalsocialistische statenbond van Nederland, Vlaanderen en Zuid-Afrika. Rost van Tonningen was een ‘Germaan’; Mussert hing de Dietsche gedachte aan.

Deze twee groepen werden door de Duitsers handig tegen elkaar uitgespeeld. Mussert mocht en paar keer op bezoek bij de door hem bewonderde Führer die hem uiteindelijk zelfs als ‘Leider van het Nederlandse volk’ erkent, maar intussen worden de NSB-straatvechters van de WA wel de SS in gemanoeuvreerd.  Rost van Tonningen zelf schopte het nog tot Obersturmführer, luitenant eerste klas, in de SS.

Mussert komt vooral naar voren als een dromer en een ineffectieve leider, wiens woord helemaal geen wet was voor de kameraden, en die daarom duchtig naar vrienden zocht in Duitsland zelf. Het is bijna pijnlijk om te lezen hoe hij zelfs bij Hermann Goering in het gevlij probeert te komen – allereerst door de enorme bronzen NSB-klok al in de eerste bezettingsdagen, nog lang voordat de Duitsers klokken in beslag begonnen te nemen, aan de beruchte leider van de Luftwaffe cadeau te doen.

Pijnlijker, véél pijnlijker is het om te lezen hoe hij zich uit het lot van de joden probeert te praten:

Ook de Joden moeten dus ergens kunnen leven, en als een volk hen heeft opgenomen, is dit volk ook voor hen verantwoordelijk. Maar dit wil geenszins zeggen, dat de Joden in dit volk en over dit volk den baas moeten spelen, zooals dit b.v. in Amsterdam geschiedde, waar eens van de vijf wethouders er vier Jood waren. Dit is een misstand, welke zich wreekt, zoowel aan het volk, temidden waarvan de Joden leven, als aan de Joden zelf.

De NSB heeft in 1938 een voorstel gedaan om die joden die de Europeesche volkeren niet wenschten te herbergen, onder te brengen in Frans en Brits Guyana en Suriname. Maar [d]it voorstel is honend van de hand gewezen! Had men het aanvaard, aan honderdduizenden Joden zou dit het leven gered hebben. En daarom concludeert Mussert dat niemand het recht heeft ons, NSB’ers, ten aanzien van hetgeen den Joden deze jaren is overkomen, één enkel verwijt te doen. Niet alleen had de NSB daaraan geen deel, maar zij is de eenige geweest, die, toen het nog tijd was, den weg gewezen heeft om het ergste te voorkomen. Verwijten richte men dus tot diegenen, die schuld hebben, of die ons voorstel afwezen.

Zijn laatste wens, geschreven op de avond voor zijn terechtstelling en titel van dit stuk, is gelukkig nooit uitgekomen.

(Alle citaten afkomstig uit Anton Mussert – Nagelaten bekentenissen. Gerard Groeneveld [red.], Uitgeverij Vantilt, Nijmegen.)
Advertisements
This entry was posted in Uncategorized and tagged , , , , . Bookmark the permalink.

One Response to “Eens zal men erkennen ons lijden en strijden”

  1. Pingback: He, psst, vlag kopen? « The Edge of Europe

Comments are closed.