
Het strand van Formicoli
HOOFDSTUK 1
“Oh cazzo.” Uit de mond van ispettore Vincenzo Colosimo van de Polizia di Stato klonk het als een vaststelling en niet als een vloek. De inspecteur boog voorzichtig voorover om over de rand van de klif naar beneden te kijken. Dertig meter lager lag een lijk, slordig over een rots gedrapeerd als een oude theedoek.
“Al bekend wie het is?”
“Si, ispettore, het gaat om een Nederlander, ehh, Eddy qualcosa. Zijn papieren zaten in zijn portemonnee.” De agent gaf hem het identiteitsbewijs. Colosimo keek er even vluchtig naar. Eddy van Giersbergen las hij. Nou ja, over de uitspraak van zijn naam kan hij niet meer klagen. “Geld, bankpassen?” vroeg hij terwijl ze naar het paadje liepen dat naar beneden leidde. “Alles, ispettore, hij is niet beroofd.”
“Gesprongen, gestruikeld, gevallen?”
“Drie steekwonden in de rug, ispettore. Hij was misschien al dood voordat hij beneden was.”
De forensisch arts, die nog na stond te hijgen van de klauterpartij over de manshoge rotsen, bevestigde het verhaal. “Zo neerkomen op die rotsen – dat had hij nooit overleefd, maar de moordenaar was daar niet zo zeker van. Volgens mij is hij gestoken en daarna meteen naar beneden gegooid of geduwd, maar vanmiddag weet ik meer.”
“Hoe laat is het ongeveer gebeurd?”
De oude dokter keek met een schattende blik over zijn magere schouders naar de rotsen, waar agenten bezig waren het lichaam zo goed en kwaad als dat ging met enige waardigheid van af te tillen. “Beh, tussen elf uur gisterenavond en twee uur vannacht zou ik zeggen.”
-
“Het is hier zo mooi, ispettore. Elke ochtend voor ik de bar klaarmaak voor de gasten, loop ik graag even langs de vloedlijn. De rust en de stilte, de zee en in de verte Stromboli… nou ja, na vanochtend zal het wel nooit meer hetzelfde zijn.” De eigenaar van de enige strandtent maakte een gebaar van berusting en schonk koffie in voor het onverwachte ochtendbezoek. Hij was het die de politie gebeld had. “Volgens mij was het geen kwaaie, ispettore, ik heb hem wel eens gezien. Altijd met camera’s en modellen in de weer. Mooie meisjes. Daar mag u van denken wat u wilt, ispettore, maar dat is nog geen reden…”
“Hoe bedoelt u, wat mag ik denken, wat was er met die meisjes?”
De man boog naar de jonge inspecteur van politie toe alsof niemand anders dit mocht horen, hoewel er verder alleen maar twee agenten in de zaak waren. “Toen mijn vrouw er een keer niet bij was, heb ik de tent gesloten en ben ik eens gaan kijken. Die meisjes, nou ja, hoe zal ik het zeggen.” Hij zocht naar woorden, keek nog eens naar het keukentje alsof hij bang was dat zijn vrouw daar ineens zou staan. “Het mag ook helemaal niet maar ze bleven altijd een eind bij de andere mensen vandaan, heel netjes.” Fluisterend bijna voegde hij er snel aan toe: “Hij maakte blootfoto’s, ispettore.”
-
“Blootfoto’s, Colosimo?”
Commissaris Russo leunde achterover in zijn stoel en keek Colosimo geschrokken aan.
“Si, commissario.”
“Nou, dat betekent veel aandacht van de pers, dat begrijp je wel.” De commissaris haalde zijn dikke hand door zijn zwartgrijze krullen alsof er elk moment een cameraploeg kon binnenvallen en zuchtte vermoeid, hoewel de dag voor hem nog maar net was begonnen. “Ik hoop, Colosimo, dat we deze zaak zo snel mogelijk in handen van de rechter kunnen leggen. Ik heb geen zin om hier een lelijke figuur te slaan terwijl heel het land naar ons zit te kijken. Aan de slag!”
Zo veel daadkracht had de commissaris nog maar zelden vertoond. Gelukkig haalde Russo meteen na zijn woorden een voorverpakt croissantje met room uit zijn bureaulade, dat hij aandachtig op begon te eten. Hij gebaarde al kauwend naar de deur. Colosimo mompelde een keer ‘ssario bij wijze van groet en vertrok in de wetenschap dat Russo ook deze keer niet van plan was om de leiding van het onderzoek daadwerkelijk in eigen handen te nemen.
-
Het went nooit helemaal om het lege huis binnen te gaan van een dode, dacht Colosimo toen hij die middag in Cosenza, achter de agent van de plaatselijke politie aan, het appartement van de dode fotograaf betrad. Een huis is meer dan een verzameling meubels en spulletjes; het is het meest persoonlijke domein van de bewoner, die er overal zijn sporen in nalaat. Een volle asbak, een paar schoenen in een hoek, een foto van een familielid. Al dat bewijs van leven lijkt des te krachtiger te spreken als dat leven zelf er plotseling niet meer is.
Dit huis sprak van een man die zijn zaakjes keurig op orde had, behoorlijk goed verdiende en geen krachtige band had met het land waar hij vandaan was gekomen. Op wat boeken en een fotootje na had het het huis kunnen zijn van een Italiaan. Twee vuile borden en twee wijnglazen in de gootsteen lieten zien dat de dode vermoedelijk als laatste maaltijd cavatelli met een tomatensaus had gegeten met een glaasje wijn erbij – wellicht uit de lege fles Barolo op het aanrecht. Geen Nederlandse maaltijd – hoewel Colosimo geen idee had van wat een Nederlandse maaltijd zou kunnen zijn. Met wie die laatste maaltijd was genuttigd, stond er helaas niet bij. Die persoon zou wellicht ook weten hoe de Nederlander bij het strand was gekomen; zijn jeep stond voor de deur van zijn huis geparkeerd.
Colosimo liet de afwas inpakken – misschien dat de Polizia Scientifica er nog wat mee kon. De computer en de DVD’s met fotobestanden liet hij achterin zijn eigen Pandaatje zetten, waarna het huis werd verzegeld en de inspecteur terug reed naar Tropea. Onderweg belde hij de forensisch arts voor de stand van zaken; die vertelde hem dat het slachtoffer inderdaad drie messteken in zijn rug had van een centimeter of tien diep die zijn longen hadden doorboord. Hij zou daar binnen korte tijd aan zijn overleden als hij niet van de klif af was gevallen, rond middernacht – nu alweer zo’n zeventien uur geleden. Colosimo vroeg de arts om de maaginhoud te controleren; de inspecteur had nog een rit van een kleine anderhalf uur voor de boeg om de zaken goed op een rijtje te zetten.
HOOFDSTUK 2
Vincenzo Colosimo had het geluk gehad om kort na zijn studie terecht te kunnen bij de politie. Zoals bijna al zijn collega’s had hij zijn baan te danken aan een familielid met connecties en niet direct aan uitstekende papieren of glanzende sollicitatiegesprekken. Zijn voordeel was echter dat hij tot de eerste generatie inspecteurs hoorde met een universitaire graad – en zijn studie psychologie was wat dat betreft precies de juiste. Colosimo was ervan overtuigd dat kwaliteit het op een dag zou winnen van vriendjespolitiek – maar tot die tijd moest hij het doen met het gebrek aan leiderschap van commissaris Russo, de broer van de voormalige socialistische wethouder.
Russo maakte zich niet druk om kwaliteit. De man was simpel en rechtlijnig en wilde vooral een goed figuur slaan ten opzichte van zijn meerderen. Het uitte zich bij de commissaris in het voortdurend opjagen van zijn ondergeschikten. Niet om goede, maar vooral om snelle resultaten te behalen. Dat bepaalde resultaten altijd onwenselijk waren, volgens een systeem waar alleen Russo de geheimen van kende, verbaasde Colosimo al niet meer. Overal zaten connecties van de commissaris die kennelijk mede op zijn stoel was gezet om die connecties uit de wind te houden. Colosimo had er nog geen vat op gekregen. Het was gewoon een van die onverwachte hindernissen geworden waar hij af en toe tegenaan liep.
-
Eddy van Giersbergen bleek beheerder te zijn van een website die betalende leden toegang gaf tot de fotoseries die hij met diverse modellen gemaakt had. Colosimo had het gevoel dat de dood van de Nederlander iets te maken moest hebben met de foto’s – het zou niet de eerste keer zijn dat vreemdelingen op pijnlijke wijze in aanraking kwamen met de toch wat conservatieve gewoonten in het zuiden van Italië. Maar waar hij precies naar moest zoeken, wist hij niet en dus begon hij die avond na het eten door de fotobestanden te bladeren in de hoop dat er iets opmerkelijks te zien zou zijn.
Opgeslagen op een aantal DVD’s lagen honderden foto’s, keurig gescheiden in mappen met de naam van het meisje en een verdere aanduiding in het Nederlands, die Colosimo natuurlijk niet lezen kon, maar die hij gaandeweg begon te begrijpen. Zo heette de eerste map op de eerste CD Angela M. rode bikini; het waren foto’s van een blond meisje die aan de rand van een zwembad haar rode bikini uittrok. De map Chiara B. rode bikini toonde een ander meisje in dezelfde rode bikini. Het was een werk waar zijn collega’s om zouden vechten en toch ging het al heel snel vervelen om steeds weer andere meisjes in dezelfde poses en op dezelfde locaties terug te zien. Na Angela M. en Chiara B. bleek ook Francesca P. de rode bikini te hebben aangepast om deze voor de camera weer uit te trekken. Mooie meisjes, dat zeker, en Colosimo was niet ongevoelig voor al dat vrouwelijk schoon, maar uiteindelijk bleek het gewoon werk.
De inspecteur ontwaakte uit het bijna mechanisch doorbladeren van de fotobestanden toen hij de map Ilaria B. rotsen opende. De eerste foto toonde een meisje met gitzwarte krullen dat brutaal in de camera blikte, geleund tegen een manshoog rotsblok. Aandachtig bekeek hij de rest van de set, totdat hij ervan overtuigd was dat deze Ilaria B. op het strand was gefotografeerd waar de fotograaf was vermoord. En hoewel hij niet wist wat rotsen betekende, vond hij al snel twee andere mappen met dezelfde aanduiding: Patrizia M. rotsen en Rosanna M. rotsen. Ook deze series waren geschoten op hetzelfde strand van Formicoli waar die ochtend de dode Nederlander was gevonden.
Hij bekeek de foto’s aandachtig. Waren er mensen of auto’s of andere zaken op zichtbaar, die aan het oog van de fotograaf waren ontsnapt en die een aanwijzing konden zijn? Ook de meisjes zelf onderwierp hij aan een onderzoek, waarbij hij probeerde iets af te lezen aan hun gezichten, hoewel hij besefte dat de ‘brutale’ Ilaria B., de ‘verlegen’ Patrizia M. en de ‘meisjesachtige’ Rosanna M. vooral bekken trokken voor de camera van de Nederlander. Uiteindelijk besloot hij dat hij naar nietszeggende maskers zat te kijken en verlegde hij zijn aandacht naar het vinden van de administratie van de fotograaf om de volledige namen van de modellen uit te vinden.
Tegen middernacht sloot Colosimo af. Namen en telefoonnummers had hij in de administratie gevonden en dus kon hij daar morgenochtend mee verder – maar hij wist dat hij met de foto’s nog lang niet klaar was. Het was best mogelijk dat er nog meer modellen op het bewuste strand waren gefotografeerd, maar dat deze foto’s een andere naam hadden gekregen.
HOOFDSTUK 3
De volgende ochtend begon Colosimo vanuit het politiebureau in Tropea meteen te bellen. Ilaria Brienza klonk eerder slaperig dan brutaal en ze had kennelijk moeite om haar gedachten op een rijtje te zetten. De studente informatica leek het nieuws van de dood van de fotograaf nauwelijks te registreren en antwoordde werktuiglijk op de vragen van de inspecteur. Ja, hij kon wel langskomen. Nee, ze was de hele dag thuis. Ja, in een studentenflat. Nee, dat was geen probleem met huisgenoten. Maar toen de afspraak eenmaal stond, vroeg ze nog eens of Colosimo inderdaad had gezegd dat de fotograaf vermoord was. Hij bevestigde dit, waarna er een lange stilte volgde. “Okay,” zei ze tenslotte, “ik zie u vanmiddag.”
Het gesprek met Patrizia Marulla, op de foto’s een verlegen meisje met een schuchtere oogopslag, verliep nogal anders. Ze was klaarwakker en wist al wat er gebeurd was. Het kostte Colosimo moeite om tot haar door te dringen, omdat ze volledig opging in een in sneltreinvaart afgestoken tirade tegen de pers en de politie en hoe zeer haar leven wel niet verwoest zou zijn als haar naam in verband met naaktfoto’s in de krant zou komen, om nog maar te zwijgen van de foto’s zelf. Haar familie zou het haar nooit vergeven en de positie in pappa’s bedrijf zou naar haar waardeloze zus gaan en ze zou haar studie moeten opgeven uit schaamte. Of de inspecteur zich dat wel realiseerde? Hij antwoordde eenvoudig dat dat zijn afdeling niet was. Hij belde haar in verband met het móórdonderzoek, benadrukte hij, en dat hielp. Ze bedaarde onmiddellijk. “Oh ja… het eh, onderzoek, natuurlijk. En daarvoor wilt u mij spreken?” Het klonk alsof ze dat niet helemaal begreep, maar dat hoefde ook niet. De studente Engels kon hem die middag wel spreken op de universiteit.
Rosanna Mazzei was de laatste die Colosimo belde. Het goedlachse meisje dat speels tussen de rotsen door had gedarteld voor het oog van de fotograaf die op diezelfde rotsen zijn dood zou vinden, schrok hevig van het telefoontje van de inspecteur. Ze was verkoopster in een kledingzaak in Ricadi en woonde nog bij haar ouders en haar broer in het gehucht Brattirò – en die wisten helemaal niets van haar bijverdiensten als naaktmodelletje. Hij sprak met haar af voor een lunch in de buurt van haar werk, waarna hij meteen door kon rijden naar de universiteit.
Colosimo vroeg om een koffie en pakte de draad op waar hij die gisteravond had laten liggen – het werktuiglijke doornemen van de enorme hoeveelheid foto’s van Van Giersbergen. Hij merkte niet dat de commissaris binnen was gekomen.
“Aho, Colosimo, waar ben jij nou mee bezig?”
“Commissario! Ik had u niet opgemerkt.”
“Dat kan ik me voorstellen, Colosimo,” zei Russo terwijl hij met een half opgegeten broodje naar het scherm gebaarde. “Ik mag toch hopen dat dit de foto’s van die fotograaf zijn?”
De commissaris gooide de Corriere della Calabria op zijn bureau.
UCCISO FOTOGRAFO OLANDESE NEL VIBONESE
De fotograaf Eddy VAN GIRSBERDEN is gisteren dood aangetroffen op het strand van Formicoli (VV) met meerdere messteken in zijn rug. De Nederlander zou betrokken zijn geweest bij een pornosite waarop naaktfoto’s van meisjes uit onze regio te zien zouden zijn.
De commissaris keek nog eens naar het beeldscherm, knikte goedkeurend met getuite lippen en nam nog een hap van zijn broodje. “Dat is trouwens best een aardige foto,” zei Russo met volle mond. “Maar ik heb toch liever dat je dat soort dingen niet hier op het bureau bekijkt.” Daar ging zijn vrije tijd.
-
Het restaurantje lag net buiten het dorpje Ricadi en was niet meer dan een zaaltje met wat doorleefde houten tafeltjes en stoeltjes en een barretje met kassa. De geel gesausde muren waren verluchtigd met slordig geschetste dorpsgezichtjes. Het was tegen half twee ’s middags en de airconditioning stond niet aan. Geen wonder dat er verder geen kip te bekennen was. Colosimo koos een tafeltje op het overdekte terras in de hoop op een verkoelend zeebriesje en wachtte af.
Enige minuten later verscheen Rosanna op het terras met een grote zonnebril die ze tijdens de lunch niet af zou zetten. Het kleurige zomerjurkje dat ze droeg, botste met haar terneergeslagen houding; in plaats van het zorgeloze meisje van de foto’s kwam er een stille en verdrietige jonge vrouw tegenover hem zitten.
Nee, zei ze, de andere meisjes kende ze niet. Ze had wel foto’s gezien bij de fotograaf thuis en ook op de website, maar verder had ze alleen contact gehad met Van Giersbergen.
-Bij hem thuis? Hoe was het contact tussen u en de Nederlander?
-Ispettore, guarda, kijk. Ik kan wel zeggen dat wij een… erg intiem contact hadden. Ik was de enige die bij hem thuis kwam, in Cosenza. We deden… ik heb… ik was er ook wel eens ’s nachts, ispettore, begrijpt u?
Het meisje prikte mistroostig een vork in haar salade waarvan ze vrijwel niets had gegeten.
-Maar u woont nog bij uw ouders, nietwaar? Wat vonden zij daarvan?
-Ze wisten bij wie ik was. Dat was al iets waarover we veel ruzie hebben gemaakt. U weet waarschijnlijk wel hoe dat gaat hier in zo’n dorp. Ik heb ze maar niet verteld wat hij fotografeerde.
-En uw broer?
-Die blijft ook hele nachten weg en dat vindt dan iedereen normaal. Ik vraag hem toch ook niet waar hij geweest is. Hij moet zich niet met mijn leven bemoeien.
De plotselinge felheid van het meisje verraste Colosimo.
-Deed hij dat dan?
-Ach, u kent dat. Haantjesgedrag. Alsof ik zijn bezit ben, laat hem eerst maar eens zijn school afmaken, quel ragazzino, die puber.
-Wist hij wie Van Giersbergen was?
-Ik denk het niet. Misschien heeft hij wat gezien op internet, ik weet dat niet. Misschien hebben zijn vrienden foto’s van mij gevonden…
Ze viel stil, keek peinzend naar het bord salade en toen naar de inspecteur. Die liet haar de Corriere della Calabria zien en raadde haar aan om thuis te praten voordat alles op straat zou komen te liggen.
Rosanna begon te huilen.
HOOFDSTUK 4

Unical, Arcavacata
De Università degli Studi della Calabria – de Unical – lag er verlaten bij die middag. Het complex, dat opgebouwd is uit steenrode, vierkante gebouwen aan een centrale brug van meer dan een kilometer lang, was hem als oud-student welbekend en dus reed hij in een keer door naar het gebouw van de Faculteit Letteren en Filosofie. Al snel zat hij tegenover een tengere brunette in een kaal grijs vertrek met een kapotte frisdrankautomaat. Patrizia Marulla. Op het tafeltje had ze de Calabria Ora van die ochtend neergelegd, die net als de Corriere opende met het nieuws over de Nederlander. Het meisje keek de inspecteur strijdlustig aan.
-Allereerst, ispettore, verwacht ik dat u de website van Eddy sluit, voordat al mijn foto’s op straat komen te liggen.
-Allereerst stel ik hier de vragen, signora. En ik ga niet over het afsluiten van websites. Er lijkt me ook geen reden toe zo lang er niets illegaals op staat. Kent u Ilaria Brienza of Rosanna Mazzei?
-Ispettore, als mijn foto’s morgen in de krant staan, dan heeft u een probleem.
-Uitstekend. Dat zien we morgen dan wel weer. Kent u Ilaria Brienza of Rosanna Mazzei?
Patrizia Marulla keek de inspecteur strak aan met groene ogen die brandden van woede. Ze zweeg.
-Mevrouw Marulla, dit is een moordonderzoek. Ik kan nu de commissaris informeren dat we een verdachte hebben – hij benadrukte het woord verdachte – die niet wil meewerken. Zal ik hem even bellen of gaat u antwoord geven?
Het meisje sloeg haar armen over elkaar, keek stuurs uit het smoezelige raam links van haar en zei tussen haar tanden door dat ze die twee niet kende.
-Hoe was uw relatie tot het slachtoffer?
-Ik was het model, hij betaalde me. En dat is alles.
-Strikt zakelijk dus? U kleedde zich uit voor die man en dat was puur zakelijk?
Eh!, zei ze en ze stak haar kin er iets bij vooruit, wat van alles kan betekenen. Deze keer was het ‘Dat zeg ik toch!’
-Was u wel eens bij Van Giersbergen thuis?
-Nee.
-Wat vond u van die man?
-Eh! Een fotograaf. Een goede fotograaf. Netjes ook, betaalde goed, probeerde niks.
-En dat vond u ergens wel jammer? Het was geen lelijke man.
-Ispettore! Ma che vuoi? Ik wilde niks met ‘m. Ik heb een vriend.
-Weet hij van uw, eh, modellenwerk?
-Ja.
-En dat vindt hij best?
-Eh! Hij heeft geen keus.
Colosimo zag dat hij met Patrizia Marulla niet ver zou komen – ze bleef kortaf en stug als een verwend kind dat haar zin niet kreeg. Abrupt maakte hij een einde aan het gesprek:
-Zo komen we niet verder. We spreken elkaar nog, signora.
Dat laatste klonk dreigend en dat was de bedoeling ook. Maar ze leek er niet van te schrikken.
-
Ilaria Brienza – het meisje met de gitzwarte krullen waarmee Colosimo’s speurtocht door de fotobestanden begonnen was – woonde op een paar kilometer van de universiteit in een nieuwe studentenflat aan de rand van het stadje Rende. Ze deed de deur open, gekleed in een kort jurkje dat Colosimo vaag bekend voorkwam. Haar kamer was een chaos van kleren en mappen en boeken. Op haar bureau stond een laptop waarop een foto te zien was die kennelijk door Van Giersbergen gemaakt was: Ilaria, topless, op een ligstoel bij een zwembad. Het meisje raapte snel wat ondergoed van haar zitbankje af en bood hem een zitplaats aan. Zelf ging ze op een houten stoeltje tegenover hem zitten.
-Mevrouw Brienza, kent u Patrizia Marulla of Rosanna Mazzei?
-Nee, ispettore, wie zijn dat?
-Twee andere modellen die door de Nederlander zijn gefotografeerd op de plaats delict.
-Ik had nooit contact met andere modellen.
-En uw contact met de fotograaf, hoe was dat?
-Eddy was zo’n lieve man. Hij heeft me dit jurkje gegeven omdat ik het zo leuk vond. Misschien had u het al herkend?
-Ik dacht al iets te zien. Kwam u wel eens bij hem thuis?
-We hebben een keer foto’s gemaakt in zijn slaapkamer!
Het klonk enthousiast, alsof ze een beroemdheid had ontmoet.
-En u heeft daar alleen foto’s gemaakt?
-Ja, verder niets hoor, wilt u ze zien?
-Eh, ik wil straks wel even kijken, dat kan van belang zijn.
Hij bedacht zich dat dat klonk als een slap excuus om samen met het meisje haar eigen blootfoto’s te bekijken. Maar in werkelijkheid wilde hij thuis die serie extra goed bestuderen in de hoop op een aanwijzing.
-Heeft u veel van mijn foto’s gezien?
De vraag verraste Colosimo. Om de open sfeer tussen hem en het meisje niet te verbreken, gaf hij antwoord.
-Nog lang niet allemaal, denk ik. De man heeft erg veel foto’s gemaakt van veel verschillende modellen.
-Maar wat u heeft gezien, wat vond u daarvan?
-Dat gelooft u niet, mevrouw Brienza, maar ik heb heel veel foto’s voorbij zien komen en dan is het leuke er wel af. Ik zag die van u trouwens het eerste – ik herkende meteen de rotsen waar…
-Arme Eddy. Het was zo’n aardige man… heel anders, echt een buitenlander, maar op een goede manier, begrijpt u?
Even keek ze in gedachten naar de foto op de laptop.
-Wie doet nu zoiets?
Juist. Ter zake, Colosimo, dacht hij bij zichzelf. Nu niet te direct daarop reageren…
-U maakt geen geheim van uw modellenwerk, zie ik?
Ze glimlachte en zei dat ze die foto er pas na zijn telefoontje op had gezet. Toen had ze ook het jurkje aangetrokken. Ter ere van Eddy.
-En ik ben nog bescheiden geweest met die foto, ziet u wel?
-Wist uw familie wat u deed? Uw vriend – u heeft een vriend? – of uw ouders of broers en zussen?
-Ik heb geen vriend. En mijn ouders… ach, misschien heb ik het ze nooit verteld. Ze zijn meestal te druk met hun werk en zo. Broers of zussen heb ik niet.
-Die foto’s in de slaapkamer van de Nederlander… kunt u er daar eentje van laten zien?
-U mag ze ook allemaal zien hoor, lachte ze.
Ze ging achter haar bureautje zitten en liet een foto verschijnen van haarzelf, in kleermakerszit op het bed van de fotograaf, in het jurkje dat ze nu aanhad. Ze keek recht in de lens met een verleidelijke blik.
-Kijk, dat is het jurkje, wel lief zo he?
-Het is een mooie foto, zonder meer. Er is dus verder niets gebeurd die keer, in de slaapkamer?
-Nou ja, we hebben een hele serie foto’s gemaakt maar dat bedoelt u niet.
Ze klikte door: op de volgende foto tilde ze met een hand het jurkje op zodat een van haar borsten zichtbaar was.
-En dat vond u niet jammer, dat er niets meer gebeurde? Het was geen lelijke man en u vond hem lief, zei u.
-Ja, natuurlijk was het een lieve man, maar daarom hoef ik toch geen seks met hem te willen?
-U kleedt zich uit op zijn bed en dan gebeurt er niets? Ik zal die wereld wel nooit begrijpen.
Ze moest lachen en klikte nog eens door. Ilaria liet hem Ilaria zien die het jurkje over haar hoofd heen uittrok, en Ilaria die met alleen een doorzichtig broekje aan op haar knieën op het bed zat. Hij had het eigenaardige gevoel, naar een indirecte striptease te kijken. En de stripteuse was maar al te graag bereid om door te gaan. Hij stond op voor ze de volgende foto kon laten zien – hij had een aardig idee van wat er op te zien zou zijn – en gaf haar de krant van die ochtend.
-Ik zou toch even met uw ouders praten, voordat er dingen op straat komen te liggen.
Hij liep naar de deur.
-Ispettore? U moet me geloven. Er is echt niets gebeurd. Ik wilde niets met hem en hij heeft nooit wat geprobeerd. Misschien…
Ze twijfelde even; hij keek haar vragend aan.
-Nou ja, misschien twijfelt u nog. Maar zo gaan die dingen, het is ook maar werk.
Met het gevoel dat ze niet had gezegd wat ze was begonnen te zeggen, liet hij zich door het meisje naar de deur begeleiden.
HOOFDSTUK 5
Het huis van Colosimo lag aan de rand van Tropea – letterlijk, want het was gebouwd op een klif hoog boven het strand in het oudere gedeelte van het stadje. Hij hield ervan om op het balkonnetje te zitten en uit te kijken over de Tyrrheense Zee en de Eolische Eilanden in de verte. Maar vanavond was hij laat en keek hij met een pizza al salame voor zijn neus naar het regiojournaal TGR. Tussen een staking op het vliegveld Lamezia Terme en een dorpsfeest in de buurt van Catanzaro door werd ook nog even vermeld dat er over de zaak van de dode fotograaf – het viel hem op dat de nieuwslezeres ook zo veel mogelijk zijn naam vermeed – niets te melden was.
Ook na de pizza geen balkon, want met de foto’s had hij nog genoeg te doen. Hij moest weten of er nog meer meisjes aan het strand waren gefotografeerd, maar die foto’s konden net zo goed rode bikini heten of iets heel anders – zo logisch was de Nederlander niet geweest. En dan waren er nog de foto’s van Ilaria bij Van Giersbergen thuis. Was zij de enige geweest? Rosanna Mazzei was ook bij hem thuis geweest, maar die zei dat ze de enige was geweest. Of ze wist niets van Ilaria’s foto’s, of ze verzweeg iets. Net zoals ook Ilaria iets achter leek te houden.
De foto’s van Ilaria in de slaapkamer had hij in ieder geval snel gevonden. Iets bijzonders was er echter niet op te zien. Het bed leek niet gebruikt te zijn door twee mensen en er lagen geen kledingstukken in beeld die van de fotograaf konden zijn – alleen de dingen die Ilaria voor de lens had uitgetrokken, en dat waren er niet zo veel. De wekker op het nachtkastje van de fotograaf stond op de meeste foto’s tussen twee en drie ’s middags. Niet direct het meest voor de hand liggende tijdstip om seks te hebben, zo vlak na de lunch op het heetst van de dag, maar het kon natuurlijk wel.
In ieder geval kon hij met het woord slaapkamer uit de naam van de map weer verder zoeken. Het resultaat was één andere map met foto’s: Rosanna in dezelfde slaapkamer. Halverwege het bladeren viel hem op dat de slaapkamer waar Rosanna gefotografeerd was, volledig identiek was aan de slaapkamer die Ilaria hem die middag al had laten zien. Dezelfde tinten, dezelfde lichtval. Colosimo keerde terug naar de eerste foto van Rosanna, waarop ze nog gekleed in een spijkerbroek en een topje op het bed zat. De wekker achter haar stond op tien over half vier. Ter vergelijking opende Colosimo de laatste foto van Ilaria waarop de wekker ook te zien is. De wijzers stonden op vijf voor drie. Toeval?
Pas toen Colosimo de gegevens van de verschillende bestanden zag, was hij er zeker van dat Rosanna vlak na Ilaria in de slaapkamer was gefotografeerd: de foto’s werden op dezelfde dag gemaakt. En je zou bijna verwachten dat de twee elkaar moeten hebben ontmoet, tenzij Rosanna zo van de straat, zonder extra make-up of andere kleren, is gaan poseren en Ilaria zich na de foto’s alleen maar haastig heeft aangekleed.
-Pronto?
-Signora Mazzei? Ispettore Colosimo. Ik hoop dat het niet te laat voor u is, maar ik heb wat vragen over de foto’s van u die in de slaapkamer van de fotograaf zijn genomen.
-Ispettore, ik eh, wat wilt u weten?
-Het zit zo, signora Mazzei. Ongeveer een half uur voor het nemen van die foto’s heeft Van Giersbergen ook een ander model in die slaapkamer gefotografeerd. Weet u zeker dat u nooit contact heeft gehad met andere modellen?
Even bleef het stil aan de andere kant van de lijn.
-U bedoelt natuurlijk Ilaria, zei het meisje.
-U kent mevrouw Brienza?
-Ik heb haar die middag wel gezien ja. Ispettore, u begrijpt wel dat als een vrouw een andere vrouw in de slaapkamer van haar vriend aantreft… dat is niet leuk. Ik begreep het achteraf wel, maar ik was op dat moment heel kwaad. Ik dacht, als ik dat tegen de politie vertel, dan ben ik meteen verdacht. Heeft Ilaria u dit verteld?
Colosimo negeerde de vraag.
-Signora Mazzei, dit is natuurlijk niet slim. Als u nog meer dingen niet verteld heeft, dan raad ik u aan daarmee te komen voordat ik ze zelf ontdek. Dat begrijpt u toch wel?
-Jawel inspecteur.
-Kent u ook Patrizia Marulla?
-Rosanna begon zachtjes te snikken.
-Nee inspecteur, die ken ik niet. Het spijt me zo, het is heel moeilijk voor mij want ik moet het helemaal alleen verwerken…
Colosimo ging op zijn balkon zitten en overwoog de mogelijkheden. Rosanna en Ilaria hadden beide gelogen. Jaloezie was bovendien een uitstekend motief voor een moord, maar de breekbare Rosanna kon hij zich niet voorstellen als messentrekster en Ilaria had op het eerste gezicht niet echt een reden om jaloers te zijn. Wat zag hij nog over het hoofd? Natuurlijk was het mogelijk dat de meisjes helemaal geen rol speelden in het verhaal – hij moest maar eens een collega op de financiën van de fotograaf zetten – maar dat er iets niet klopte met de modelletjes, was nu wel duidelijk. Hij overwoog om in plaats van Ilaria eerst met die stugge, onwillige Patrizia Marulla te bellen om te kijken hoe ver hij met wat bluf zou komen, maar hij kreeg de kans niet. De telefoon ging.
-Ispettore, Ilaria sono. Kan ik langs komen?
-Eer u hier bent, is het tegen elven, signora Brienza. Wat is er aan de hand?
-Rosanna Mazzei heeft me net gebeld, ispettore, ik kan hier niet blijven.
-Wat zei die vrouw die u niet zei te kennen?
-Ik weet het, ispettore, ik heb gelogen, maar ze zei dat ze wist waar ze mij kon vinden en dat ze niet alleen zou komen.
-Oh cazzo. Komt u maar langs, maar ik waarschuw u – ik wil vanavond nog het hele verhaal hebben.
Het werd tien over elf voordat Ilaria Brienza aanbelde bij het huis van de inspecteur. Het luchtige jurkje van die middag had ze nog aan, maar haar humeur had duidelijk een klap gekregen. Een beetje verwilderd en angstig keek ze de inspecteur aan. Angst voor Rosanna of angst voor de waarheid die volgens afspraak op tafel moest komen. Of allebei.
De confrontatie in het huis van de Nederlander was heftig geweest, vertelde Ilaria hem. Rosanna werd bijna hysterisch toen ze er Ilaria aantrof, die zich juist stond aan te kleden. Ze vloog de studente meteen aan; ze vielen op de grond en de fotograaf moest haar van Ilaria af trekken. Die verliet snel het huis terwijl Van Giersbergen probeerde het hevig snikkende verkoopstertje uit Brattirò te kalmeren.
Ilaria haalde eens diep adem, nam een slok van de wijn die Colosimo haar had geserveerd en bekende dat dat niet de eerste keer was geweest dat zij Rosanna Mazzei had ontmoet.
-Er moet een fotoserie zijn waar we alledrie op staan, ispettore, op het strand waar Eddy is vermoord.
-Alledrie?
-Patrizia Marulla was er ook bij maar Eddy heeft de foto’s niet kunnen gebruiken omdat, nou ja, de sfeer was om te snijden. Het begon echt heel leuk maar toen we allemaal lekker ontspannen bezig waren – we waren meer aan het dollen dan dat we serieus poseerden – zocht Rosanna ruzie.
-Hoe ging dat?
-Nou ja, Eddy maakte een grap waar ik vreselijk om moest lachen. Ik ben best wel spontaan dus ik sloeg een arm om hem heen alsof ik met hem wilde worstelen. Kon mij het schelen dat ik in mijn blootje was, hij was nota bene blootfotograaf, maar dat was natuurlijk tegen het zere been van Rosanna. Zij besloot dat ik haar vriendje probeerde te verleiden.
-En was dat niet zo?
-Ispettore! Ben ik volgens u zo’n type… nou ja, misschien ben ik dat ook wel. Maar Eddy? En op zo’n manier? Nee.
-En Patrizia?
- Dat is een ijskouwe. Die zei doodleuk tegen Rosanna dat het allemaal nog heel braaf was vergeleken bij wat we met Eddy deden als zij er niet bij was, hoewel daar niks van waar was natuurlijk. Maar dat domme kind met haar overspannen fantasie geloofde het meteen. Nou ja, we hebben daarna nog wel foto’s gemaakt, maar niet van harte.
Het was nog een hele klus om de foto’s te vinden omdat ook Ilaria geen idee had hoe Van Giersbergen ze genoemd zou hebben. De map IB_PM_RM_samen bleek de serie te bevatten. Colosimo bladerde er doorheen terwijl Ilaria achter zijn stoel stond, leunend op de rugleuning en met haar gezicht dicht naast het zijne. Als ze een opmerking maakte en hij keek opzij, dan was ze ineens veel dichter bij hem dan nodig was voor een inspecteur en een verdachte. Ze had een pittig, prettig parfum. Ze sprak ispettore steeds nadrukkelijker uit alsof ze wilde zeggen dat ze liever op Vincenzo zou overschakelen.
-Een gezellige foto zo met z’n drieën, of niet is-pet-tooo-re? Drie blote meisjes in de zon. Dat was voordat we ruzie kregen.
-Ze heeft anders best mooie borsten die Patrizia, toch is-pet-tooo-re?
-Kijk hier, is-pet-tooo-re. Ik doe nog mijn best maar Rosanna heeft er duidelijk geen zin meer in.
-Maar ga me nu niet vertellen dat u naar die foto’s zit te kijken alsof het plaatjes van bloemetjes zijn. Ispettore Vincenzo Colosimo mag niet liegen tegen de getuige Brienza.
Ze keken elkaar weer van veel te dichtbij aan.
-Mevrouw Brienza, volgens mij probeert u een officieel onderzoek van de Polizia di Stato te beïnvloeden.
-En wat ga je daaraan doen, ispettorino mio?
-Ik zou je kunnen arresteren…
-Mmm…
…maar het is al laat. Als ik nu eens gewoon het onderzoek voor vandaag beëindig? Dan kun je niks meer beïnvloeden.
Hij klapte de laptop dicht en stond op.
-Slim hoor. Ga je me nu nog vertellen wat je van mijn foto’s vindt?
-Ik weet iets beters dan foto’s.
Hij legde zijn handen op haar heupen en schoof haar jurkje omhoog. Bereidwillig stak ze haar armen in de lucht.


